dag 15 « Dag 16 (Donderdag) - Van het middelpunt der aarde tot hooggelegen ruines » dag 17

Route: St. Lary-Soulan -> Lourdes -> Grottes de Betharram -> Beaucens -> Col du Tourmalet -> Col d'Aspin -> St. Lary-Soulan

En zowaar, we zijn vandaag niet alleen redelijk vroeg wakker maar ook zien we een mooi effen-blauwe hemel. We zouden er zomaar vrolijk van kunnen worden. De ochtend begint natuurlijk met de koffie. Deze ochtend moeten we een eindje rijden zodat het reisverslag zal moeten wachten tot aan de avond. We willen namelijk redelijk vroeg weg vandaag. Na de koffie gaan we dan ook gelijk op pad. We zijn net de parkeergarage uit of we moeten al stoppen. Een zeer essentieel onderdeel is vergeten, namelijk de zonnebril. En dus wordt die nog even snel gehaald. Daarna gaan we echt op pad. We moeten richting Lourdes wat ten noord-westen van ons ligt. Er zijn verschillende routes die we kunnen volgen. We besluiten om op de heenweg via Col d'Aspin te rijden en daarna noordelijk het dal uit te rijden totdat we westelijk het laatste stuk kunnen rijden. We kennen deze pas inmiddels als onze broekzak en verbazen ons inmiddels over de onzekere vakantiegangers die hier omhoog rijden, al vergetend dat wij de eerste keer ook als vakantieganger de pas omhoog reden. Wederom komen we weer een tiental wielrenners tegen waarvan we nu redelijk kunnen inschatten hoe getrained ze zijn. Sommigen zien we gewoon balen als ze het volgende bordje tegenkomen die aangeeft dat ze nog 7 kilometer tot de top moeten.

Even daarna komen we voor de verandering door Campan en verbazen ons over de poppen die voor het lokale restaurant zitten te wachten op hun eten en een nieuwe fles wijn. Die is namelijk al een aantal dagen leeg. We zijn hier al een paar keer voorbij gereden en weten inmiddels dat ze stelselmatig worden genegeerd. We rijden voorbij Grotte de Medous waar het nu erg rustig lijkt. Even voor Montgaillard slaan we af naar het westen, Lourdes tegenmoet. We besluiten eerst Lourdes zelf te bekijken en daarna de laatste 15 kilometer door te rijden naar de grot. Alles is namelijk tussen de middag dicht en we zijn al bijna 12 uur.

In Lourdes is ook een grot waar maria zou zijn gezien en wat nu een bedevaart locatie is geworden. Er ontspringt een bron uit de berg welke ook gelijk maar heilig is verklaard en wat geneeskrachtig zou zijn. En inderdaad zien we als we de stad inrijden lange stoeten met mensen die allemaal bij hun clubje in rijen naar een bepaalde onbekend doel lopen. De stad is er van vergeven. Wij parkeren niet ver van een chateau die ook nog in Lourdes te vinden is. We parkeren in een supersmalle parkeergarage waar we met moeite de bochten kunnen nemen. Als we weer zonlicht zien zoeken we de chateau en lopen in die richting. Bij de chateau aangekomen zien we dat ze ook deze tussen de middag sluiten. Leuk hoor, die fransen. En dus besluiten we om dan die grot maar eens te bekijken. Hier hoeven we niet lang naar te zoeken, er loopt een blauwe streep door de gehele stad die allemaal naar de grot leiden. Langs de blauwe lijn vinden we vele souvenierswinkeltjes. Deze vekopen echter geen normale souveniers maar allemaal dingetjes met afbeeldingen van maria, jezus en de paus. En wat een nog lucratievere handel is, zijn de lege jerrycans in allerhande formaten die als warme broodjes over de toonbank moeten gaan. We zien namelijk erg veel mensen met deze kannen lopen.

We komen op een gegeven moment uit bij een grote kerk die in twee lagen is gebouwd. Beneden is een soort koepelkerkje en daarachter staat een normale kerk. We vinden de koepelkerk het mooiste en de andere kerk niet zo heel bijzonder. Wel hebben ze langs de weerzijden een lange bogenbrug gebouwd die langzaam naar beneden afloopt. Die is erg mooi gemaakt. Als we boven op deze boog staan zien we beneden ons een drukte van belang. Het water van de bron wordt door een goot geleid waaronder kranen in de muur zijn gemonteerd. En iedereen moet zijn kannetje hier natuurlijk vullen. Ook zien we een lange rij mensen wachten, waarschijnlijk om de grot in te mogen. Zo graag hoeven wij die grot niet te zien, maar we besluiten wel even om de rij heen te lopen om de ingang te bekijken. En als we daar aankomen zien we dat we erg misleid zijn. Het is namelijk helemaal geen grot maar meer een alcove. De lange rij met mensen willen daar even langslopen en de muur aanraken in deze alcove. Het is wel heel onwerkelijk wat hier gebeurd. Nadat we dit hebben gezien lopen we terug richting de auto. Onderweg stoppen we nog even om iets koels te drinken en wat te eten. Hiervan komen we weer ietsje bij in het toch wareme weer, zodat we vol frisse moed de parkeergarage induiken. Het is net zo spannend om uit de garage te komen dan om erin te geraken, maar het lukt uiteindelijk toch.

We rijden al snel Lourdes uit, richting Betharram. Binnen een kwartietje zijn we aangekomen bij de grot. Nu blijkt dat de ingang van de grot een kilometertje verderop ligt en dat de uitgang hier is. We worden echter met de bus naar de andere locatie vervoerd. Maar voor het zover is moeten we een gebouw in dat dienst doet als wachtgebouw. Er staan al een aantal mensen te wachten die al snel de bus in worden gedirigeerd. Wij kunnen niet meer mee zodat we 10 minuten moeten wachten. Daarna worden ook wij in een nieuwe bus gestopt en rijden we de 1 kilometer naar de ingang. Ook hier sluiten we weer achteraan in de rij en wachten we wederom in een soort wachtruimte. We mogen al snel iets verder lopen waar we de kaartjes kunnen halen. En weer moeten we wachten. Deze keer zal het bij elkaar een kwartier zijn. We mogen nu via een schuin omhooglopende gang verder lopen en komen in een andere ruimte terecht waar we, inderdaad weer moeten wachten. Deze keer ongeveer 10 minuten. Daarna gaan we toch echt de grot in.

We lopen nu via een goed aangelegde pad het bovenste gedeelte van de grot in. We stoppen bij een grote ruimte waar aan de ene kant de grot naar beneden loopt. Er loopt een trap slingerend naar beneden zodat we vermoeden dat we daar nog wel afdalen. Aan de andere kant zien we een ruime galerij met vele stalagtieten en stalagmieten. De groep krijgt een verhaaltje in het frans te horen waar we natuurlijk niets van verstaan. Wij krijgen echter daarna het verhaal in het nederlands te horen. De opname stamt echter wel uit de jaren 50, zo klinkt de stem in ieder geval. Maar wij leren wel dat de grot uit 5 lagen bestaat die in verschillende tijsperioden zijn uitgehold. We staan nu in het bovenste gedeelte en dalen dus later af naar een andere laag. We volgen de groep snel en zien onderweg erg mooie kalk- en steenstructuren. Zelfs het plafon is in een bepaalde struktuur uitgesleten wat erg indrukkend overkomt. We lopen zo'n 200 meter verder deze grot in en lopen via een bovengalerij weer terug. Daarna dalen we af in de trechter, zoals het gat dat naar beneden loopt wordt genoemd.

Beneden aangekomen zien we niet gelijk de rivier, hiervoor moeten we nog een stukje lopen. We lopen eerst door een smalle hoge spleet. Boven ons hangen grote rotsblokken klem tussen de wanden. Dan merken we dat we op planken lopen welke boven het water zijn bevestigd. Onder ons is dus de rivier. De gang is vrij lang, we lopen zeker een meter of 150. Halverwege is een koperen bord aan de wand bevestigs die, zoals later blijkt de grens tussen de hoge en de lage pyreneeėn aangeeft. We zijn dus nu weer terug in de hoge pyreneeėn. Even later komen we aan bij een breder stuk van de rivier waar we allemaal in een soort venetiaans bootje kunnen stappen. Deze wordt electrisch voortgetrokken, waarschijnlijk met een kabel. Helaas hebben ze naast de boot een plankeer gemaakt wat de elegantie van de grot enigsinds teniet doet. Zal wel weer met veiligheid te maken hebben. De eerdere ondergrondse boottocht was in dat opzicht toch echt beter. Na deze vrij korte boottocht moeten we nog een heel eind lopen door de gangen. Onderweg zien we echter nog steeds mooie zuilen en stalagmieten. We arriveren bij een electrisch treintje dat ons verder naar de uitgang brengt. Het treintje passeert halverwege een ander treintje dat de andere kant op gaat. Het is toch nog wel een lang stuk dat we op deze manier moeten afleggen. Het treintochtje bespaart ons in ieder geval vermoeide voeten en onderweg is er niet zo veel meer te zien, al blijft zelfs een gegraven tunnel leuk natuurlijk. Al snel zien onze ogen het daglicht weer, wat ons eventjes verblind na al die donkere gangen.

Bij de uitgang is gelijk een winkeltje en restaurant in een stations-achtig gebouw. Hier kunnen we enkele kaartjes en een boekje kopen en natuurlijk proberen we ook de koffie. We vragen om een cappuchino maar we krijgen een bakje koffie met melk. Die laten we maar staan, want deze smaakt echt niet. De volgende halte op de route is Beaucens waar een kasteelruine ingericht is als adelaarsnest. Er zou een show moeten beginnen om 6 uur en dat is ruim binnen onze reistijd. We nemen een binnendoor route en komen via kleine weggetjes uit op de wat grotere weg naar het zuiden. Niet veel later arriveren we in Beaucens waar met bordjes de weg al duidelijk staat aangegeven. En trouwens, we kunnen de chateau die boven op eem heuvel ligt ook niet echt missen. We kunnen met de auto tot onder het kasteel rijden zodat we deze keer niet meer hoeven te klimmen. Het kasteel is niet meer dan een ruine, maar ademt toch veel sfeer uit. De poorten zijn nog intact gebleven en ook een toren staat nog fier rechtop. Op verschillende plekken in deze ruine zijn de vogels ondergebracht, bijna allemaal met veel ruimte en zonder kooien. Dan wordt iedereen gevraagd zich naar een grasveld te begeven. Het is redelijk druk maar het is nog geen vervelende drukte.

Ze beginnen de show met tientallen roofvogels die rondcirkelen boven onze hoofden. Hier wordt echter nog geen aandacht aan besteedt. Eerst moet een valk zijn snelle vliegkunsten vertonen. En inderdaad is het acrobatiek ten voeten uit. Ze hebben er zelfs nog een chaotisch muziekje bij aangezet om het geheel compleet te maken. Na deze show komen ze met de aasgieren. Ook hier moet de aasgier zijn eitje zelf klaarmaken. In het midden van het grasveld is een kleine vijver zodat ook de zeearend zijn kunsten kan vertonen. Als grote atractie mag een grote condor zijn vleugels laten zien. En natuurlijk ontbreken ook een aantal uilen niet. Zelf een klein miniuiltje die lekker dwars in de boom gaat zitten. Maar wat er dan komt is toch wel apart. Ze vragen de kinderen in het gezelschap een mand omhoog te houden en sommige andere kinderen krijgen plastic bloempjes om vast te houden. Dan is het ineens een chaos van jewelste. Tientallen papagaaien en andere tropische vogels vliegen door elkaar over het veld. De manden zijn al snel gevonden en ook de bloempjes worden hierbij niet vergeten. De meeste van deze vogels zijn redelijk klein maar een aantal uitzonderingen zijn ook van de partij. Boven mij in een boom zit een roofvogel het spectakel eens gade te slaan met een blik die het tafereel duidelijk afkeurt. Na dit gebeuren is de show afgelopen en worden alle vogels vriendelijk verzocht om weer binnen te komen voor de rest van hun hapjes. We fotograferen nog een aantal van de dieren van dichtbij voordat ook wij onze hapjes willen en op weg naar huis gaan.

De terugweg gaat over de inmiddels bekende passen. En toch is het wederom donker als we thuis aankomen. We werken het reisverslag van gisteren nog even bij en besluiten om deze morgen, na een spellingscontrole maar te uploaden in de hoop dat onze fanclub nog even kan wachten op de uitbreiding van het verslag. Morgen staat nog niets op het programma. We zien wel wat we met deze laatste vakantiedag gaan doen.

Foto 1: Het bedevaartsoord in Lourdes

Foto 2: De Alcove waar Maria zich heeft getoont

Foto 3: Een fotocopy van een van de galerijen in de grot

Foto 4: Een Condor op zoek naar zijn hapje